De NLVOW en Windalarm hebben deze week gepleit voor een tijdelijke stop van windmolens op land. Daarmee sluiten ze zich aan in de inmiddels lange rij van mensen die iets níet willen. Voor een duurzame energievoorziening moeten we echter vooral veel wél. En dat moeten we vooral samen doen. En dat kan prima. Want in veel regio’s wordt er constructief samengewerkt aan windprojecten.  

De situatie is vrij overzichtelijk. In het klimaatakkoord is afgesproken dat we een doelstelling van 35 Terrawattuur (TWh) wind en zon op land en 49 TWh wind op zee gaan realiseren. Het klopt dat de doelstelling van 35 TWh op land in zicht is. Dat is mooi nieuws. Maar wel met een addertje onder het gras. We halen namelijk zoveel van onze doelstellingen niet en ondertussen verbruiken we eerder meer dan minder energie. Dus in die bulk die we niet halen is er nu één die we wél gaan halen. In plaats van de vlag uit te steken, grijpen tegenstanders dat direct aan om op de rem te gaan staan. De argumentatie is dat we de resterende opgave wel op zee kwijt kunnen. Op zee kan veel maar ook daar zijn veel andere belangen, van natuur, scheepvaart, zandwinning, defensie en van vissers. Dat de leden van de NLVOW en Windalarm de windmolens niet in hun buurt willen is duidelijk, dat betekent alleen niet dat ze dus zomaar ergens anders kunnen.

Om het even in perspectief te plaatsen. In 2019 werd 8,6% van onze energie duurzaam opgewekt. Die doelstelling voor 2030 is dus een mooi begin(netje). Nu al ligt er vóór 2030 een extra opgave van 30 TWh voor de industrie (+ 15 TWh voor datacenters). Na 2030 komt er nog veel meer vraag voor duurzame elektriciteit en groene waterstof uit de industrie. En dan hebben we het nog niet gehad over extra doelen uit Europa, de omslag naar elektrisch vervoer en de stroom die nodig is voor het verwarmen van onze huizen met warmtepompen. Kortom, de doelstellingen uit het Klimaatakkoord zijn bij lange na niet voldoende op de lange termijn.

Wind op land kan daar een waardevolle bijdrage aan leveren. De potentie is groot en windenergie is de goedkoopste duurzame energiebron. En ja, wind op land heeft nadelen. Er zijn zorgen over overlast en gezondheid. Daarom zijn er afspraken gemaakt in het klimaatakkoord over participatie en financieel eigendom. Deze afspraken zijn vastgelegd in de gedragscode wind op land, mede ondertekend door de NLVOW.

Er zijn overal heel veel enthousiaste burgers, boeren en bedrijven die met windenergie (en andere vormen van duurzame energie) aan de slag zijn. Mensen die proberen om dat in goed overleg met de omgeving te doen. Mensen die iets willen. Laten we die mensen de ruimte geven om mooie projecten te realiseren en daarmee bij te dragen aan de toekomstige duurzame energievoorziening van Nederland.