Lagere investeringsaftrek heeft effect op doelstelling SDE

De maximumbedragen voor de investeringsaftrek voor windturbines zijn sinds 1 januari fors verlaagd. Deze verlaging van de EIA wordt gecompenseerd in een hogere SDE-bijdrage per project. Het totale SDE-budget wordt echter niet verhoogd.

Dat betekent een verlaging van de totale middelen die beschikbaar zijn om de doelstelling van meer dan een verdubbeling van windenergie op land mogelijk te maken. Gevolg: er zullen met de SDE minder MW wind gerealiseerd kunnen worden. NWEA heeft haar zorgen daarover geuit met onderstaande brief aan de minister van Economische Zaken.

De minister van Economische Zaken
Mevrouw M. van der Hoeven
Ministerie van Economische Zaken
Postbus 20101
2500 EL DEN HAAG

Cc De minister van VROM, Mevrouw Dr. J.M. Cramer
De minister van Financiën, De heer Drs. W.J. Bos
De heren E. Eijkelberg, B. Wilbrink en M. Buijs (EZ)
Mevrouw G. Fenten en de heer A. Littel (VROM)

Plaats en datum Utrecht, 24 januari 2008
Ons kenmerk Br-secr 127N

Betreft: Effect verlaging EIA op doelstelling windenergie

Excellentie, geachte mevrouw Van der Hoeven,

Binnenkort biedt u de Ministeriële Regelingen en de financiële vertaling van de SDE-regeling aan de Tweede Kamer aan. Dan zal voor de sector duidelijk worden hoeveel MW wind met de SDE-regeling gerealiseerd kan worden en op welke wijze de toewijzing geschiedt.

Hoewel de uiteindelijke cijfers nog niet bekend zijn, wil NWEA u met deze brief deelgenoot maken van onze zorgen ten aanzien van de totale financiële ruimte voor windenergie.

Onlangs werden de nieuwe bedragen voor de EIA per 1 januari 2008 bekend. Ten opzichte van vorig jaar is de maximum investeringsaftrek per kW gehalveerd: voor windenergie op land van euro 1100 per kW naar Euro 600, voor wind op zee van euro 2250 naar euro 1000 en voor kleine turbines van euro 5000 naar euro 3000.

Wij hebben begrepen dat de verlaging van de EIA wordt gecompenseerd door een verhoging van de SDE-bijdrage per project. Omdat het totale SDE-budget echter niet verhoogd wordt, betekent dit de facto een verlaging van de middelen die beschikbaar zijn voor de realisatie van de doelstelling ten aanzien van windenergie. Het is de vraag of met dit (verder) beperkte budget de kabinetsdoelstelling voor windenergie haalbaar is.

Graag vernemen wij van u welke oplossing u hiervoor ziet.

NWEA heeft gereageerd op het conceptadvies ‘Basisbedragen SDE 2008 en 2009’ van ECN en KEMA. Voor het eindadvies hebben ECN en KEMA in overleg met EZ besloten meer tijd te nemen; de publicatie hiervan is diverse keren uitgesteld. Datzelfde geldt voor de Ministeriële Regelingen waarin de AMvB SDE nader wordt uitgewerkt. Wij vinden het jammer dat, hoewel wij met u in gesprek zijn over de regeling, wij veelal niet of pas achteraf worden geïnformeerd over uitstel. Hetzelfde geldt voor aanpassingen van andere regelingen, zoals de EIA, die een groot effect hebben op de SDE. Dit temeer omdat vertragingen kunnen betekenen dat uiteindelijk de invoeringsdatum van de SDE-regeling niet gehaald wordt.

Met u zijn we het eens dat een nieuwe regeling zo snel mogelijk in werking dient te treden. In een tijd waarin eenieder doordrongen is van het feit dat investeringen in duurzame energie van wezenlijk belang zijn, past een ‘sense of urgency’ voor een krachtig en effectief stimuleringsbeleid voor windenergie, nadat – inmiddels anderhalf jaar geleden – de MEP op nul werd gesteld. Wij gaan ervan uit dat u alles in het werk stelt om ervoor te zorgen dat een robuuste en op langere termijn houdbare SDE-regeling uiterlijk 1 april a.s. in werking kan treden.

Met vriendelijke groet,

Nederlandse WindEnergie Associatie NWEA
Ton Hirdes, directeur