Inspraakreactie m.e.r. Randstad 380 kV

NWEA heeft opnieuw ingesproken bij de procedure voor de aanleg van de Randstad 380 kV-verbinding. Al eerder heeft NWEA erop gewezen dat een hoogspanningsverbinding over de zeebodem sneller te verwezenlijken is dan een verbinding over land.

Daar moet rekening gehouden worden met vertragingen vanwege procedures. Een hoogspanningsverbinding via zee betekent daarnaast dat 'werk met werk' gemaakt kan worden: er kunnen 'stopcontacten op zee' ontstaan voor de offshore windparken.

Inspraakpunt
Startnotitie m.e.r. 380 kV

hoogspanningsverbinding Beverwijk - Zoetermeer

Postbus 30316
2500 GH DEN HAAG

Plaats en datum Ons kenmerk Utrecht, 19 november 2007 Br-secr.119N

Betreft: Zienswijze n.a.v. Startnotitie MER 380 kV verbinding Beverwijk - Zoetermeer

Geachte heer, mevrouw,

Naar aanleiding van de kennisgeving in de Staatscourant van 11 oktober 2007 van de inspraak op de Startnotitie m.e.r. 380 kV hoogspanningsverbinding Beverwijk - Zoetermeer treft u hierbij onze zienswijze aan.

Onze zienswijze richt zich op de volgende punten:
· Betrek het alternatief van een 380 kV verbinding via zee als volwaardig alternatief in de m.e.r.-procedure.
· Onderzoek daarbij de aanvullende mogelijkheid om windparken op zee aan te sluiten op deze hoogspanningsverbinding via zee.
· Betrek in de verdere procedure de gevolgen van eventuele verkabeling van de verbinding over land, welke verkabeling het gevolg zal zijn van bezwaren en beroepsprocedures tegen een bovengrondse verbinding door de dichtbevolkte Randstad.
· Betrek in de verdere procedure de geringere kwetsbaarheid voor extreme weersomstandigheden van een ondergrondse verbinding.
· Betrek in de verdere procedure de geringe kwetsbaarheid voor extreme weersomstandigheden of graafschades van een in de zeebodem ingegraven verbinding.

Hoogspanningsverbinding via zee
NWEA heeft reeds in een vroeg stadium van de PKB procedure, waarop de besluitvorming over de 380 kV verbinding Beverwijk – Zoetermeer gebaseerd is, bepleit het alternatief van een hoogspanningsverbinding via de Noordzee te onderzoeken.
Helaas ontbreekt in deze thans voorliggende Startnotitie dit alternatief.

NWEA pleit ervoor in het MER voor de 380 kV verbinding Beverwijk – Zoetermeer tevens het alternatief van een in de zeebodem ingegraven 380 kV verbinding te onderzoeken.

Wij overwegen daarbij het volgende:
Wij gaan ervan uit dat teneinde tegemoet te komen aan de inspraak en eventuele bezwaren, de nieuw aan te leggen 380 kV verbinding tussen Beverwijk en Zoetermeer over grote delen van het tracé door de dichtbevolkte Randstad ondergronds zal worden aangelegd. Qua kosten is een in de zeebodem ingegraven 380 kV verbinding een realistisch alternatief in vergelijking tot een ondergrondse kabelverbinding op land.
Een bovengrondse verbinding is gevoelig voor extreme weersomstandigheden (zware storm en/of sneeuw- en ijzelafzetting).
In dit verband brengt NWEA de recente onderbreking van de bovengrondse 380kV verbinding naar Zeeland bij Rilland in herinnering. Het is van groot belang
dat de stroomvoorziening van de Randstad juist in stand blijft wanneer extreme weersomstandigheden de maatschappij mogelijk al op andere wijze ontwrichten.
Bij een ondergrondse verbinding bestaat het gevaar van graafschade. Zeker in gebieden waar de komende jaren veel activiteiten plaatsvinden.
Een in de zeebodem ingegraven verbinding is in verhouding tot deze alternatieven weinig gevoelig voor extreme weersomstandigheden en er is aanzienlijk minder kans op beschadiging.
In haar Capaciteitsplan gaat TenneT ervan uit dat de 380 kV verbinding tussen Beverwijk en Zoetermeer vanaf 2011 operationeel is. Gelet op de naar verwachting aanzienlijke oppositie tegen een bovengrondse verbinding door de dichtbevolkte Randstad zal de aanleg ernstig vertraagd worden. De procedures voor het tracé via zee en de aanleg van deze verbinding kunnen aanzienlijk sneller gerealiseerd worden, waardoor de leveringszekerheid in de Randstad beter gewaarborgd kan worden.
Op een 380 kV verbinding via zee kunnen windparken-op-zee aangesloten worden (“stopcontact op zee”). Op deze wijze worden twee vliegen in één klap geslagen:
Als gevolg van de aansluiting van windparken wordt de elektriciteitsvoorziening duurzamer en wordt werk met werk gecombineerd. TenneT voldoet hiermee aan haar opdracht ex art. 16 tweede lid sub e Elektriciteitswet 1998 de milieukwaliteit van de elektriciteitsvoorziening te bevorderen. Wanneer werk met werk wordt gecombineerd nemen de totale kosten voor beide partijen (i.c. netbeheer en offshore windparken) af. Dit betekent dat minder SDE middelen nodig zijn om de onrendabele top van windenergie op zee te compenseren.

Wij zijn graag bereid deze zienswijze mondeling toe te lichten.

Met vriendelijke groet,
Nederlandse WindEnergie Vereniging NWEA

J. Lasseur, voorzitter