Wind op zee
Een aantal jaar geleden werden windturbines geplaatst in ondiep water dichtbij de kust. Tegenwoordig worden windparken ook tientallen kilometer uit de kust aangelegd in diepe zee. Bij de keuze van de locatie voor een ‘offshore windpark’ wordt rekening gehouden met onder andere bodemsoort, scheepvaartroutes, militaire gebieden, vogels en andere milieu-effecten.
Technologie
In principe werkt een turbine op zee hetzelfde als op land. Plaatsing op zee heeft een aantal voordelen ten opzichte van locaties op land. De hoeveelheid beschikbare ruimte is veel groter en er is geen sprake van eventuele geluidsoverlast en zichthinder. Daarom kunnen er grotere turbines geplaatst worden, tezamen in een windpark.
Op zee waait het bovendien harder en regelmatiger dan op land, waardoor er meer elektriciteit opgewekt kan worden. Daar staat tegenover dat plaatsing en onderhoud van turbines op zee moeilijker en dus duurder is dan op land.
Kental opbrengst
Een moderne windturbine van 5 MW (Mega Watt) kan op een goede locatie op zee circa 15 miljoen kWh per jaar produceren. Daarmee kunnen ruim 4.500 huishoudens van elektriciteit worden voorzien.
Markt: Nederland en Europa
Nederland: eind 2006 is voor de kust van Egmond het eerste Nederlandse offshore windpark (108 MW) in gebruik genomen. Dit park zal ongeveer 400 miljoen kWh per jaar produceren, genoeg om circa 120.000 huishoudens (meer dan een kwart miljoen personen) van stroom te voorzien.
Het tweede windpark, het Prinses Amalia Windpark (voorheen Q7), voor de kust van IJmuiden, levert sinds
dit jaar aan het net. Er staan 60 turbines opgesteld (120 MW).
Europa: aan het einde van 2006 staat in Europa 918 MW aan offshore windenergie opgesteld, hiermee wordt jaarlijks 3.290 GWh aan elektriciteit opgewekt. Verreweg de meeste offshore windparken zijn te vinden in Denemarken en Groot-Brittannië.
Toekomst
Nederland: Aanvankelijk richtte Nederland zich op de realisatie van 700 MW wind op zee in 2010. Dat streefgetal is door de regering vervolgens naar achteren geschoven. He huidige kabinet wil voor 450 MW offshore wind vergunningen afgeven (200 MW in 2009 en 250 MW in 2011). Omdat het bouwen van offshore windparken tijd kost, zullen deze geplande turbines in ongeveer 2015 allemaal aan het net leveren.
Voor de langere termijn (2020 tot 2030) moet het opgestelde vermogen op het Nederlands deel van de Noordzee groeien naar 6.000 MW in 2020 tot 10.000 MW in 2030. Als Nederland in 2050 een duurzame energiehuishouding heeft, staat volgens schattingen 20.000 MW aan opgesteld windvermogen op zee.
Europa: het geïnstalleerde vermogen is in 2006 met 35% gegroeid tot 918 MW. Er zijn veel initiatieven voor offshore windprojecten in Europa. Verwacht wordt dat 10.000 MW geïnstalleerd zal zijn eind 2010. Doelstellingen voor 2020 en 2030 bedragen 70.000 MW respectievelijk 150.000 MW.
Deze tekst is een bewerking van een door Ecofys opgestelde fact sheet wind op zee. Laatste bewerking juni 2008.