• Home
  • Nieuws
  • Groen licht bestuursrechter negen windparken op zee

Groen licht bestuursrechter negen windparken op zee

De Bestuursrechter Rotterdam heeft de vergunning van negen windparken op zee in stand gehouden. Een snelle doorstart van wind op zee wordt daarmee mogelijk.

De bestuursrechter deed de uitspraak eind maart in zaken die waren aangespannen door onder meer het Productschap Vis en havenbedrijven tegen de door de Rijksoverheid verleende vergunningen van negen windparken op de Noordzee. Al deze vergunningen zijn in stand gebleven.
Op dit moment wordt gewerkt aan de bouw van offshore windparken ten noorden van de Waddenzee, samen goed voor ongeveer 600 MW opgesteld vermogen. Op korte termijn maakt de Rijksoverheid bekend welk vergund windpark aanspraak kan maken op een restbudget voor de bouw van ongeveer 100 MW. Voor de korte termijn ziet de overheid af van het nog verder stimuleren van windenergie op zee. Wel werkt de overheid aan ruimtelijk beleid om op wat langere termijn meer offshore windparken mogelijk te maken.
Met de nu door de bestuursrechter in stand gehouden windparken, is ruim 2600 MW gemoeid. Een snelle doorstart van wind op zee wordt daarmee mogelijk, constateert NWEA: ‘Op het moment dat Nederland weer gaat inzetten op windparken op zee, liggen kant-en-klare locaties met vergunningen klaar. Procedures en milieuonderzoeken zijn doorlopen. De bouw kan als het ware direct beginnen’, aldus NWEA-directeur Ton Hirdes.
Naar de mening van NWEA is inzetten op offshore windenergie voor Nederland van groot belang. Hirdes: ‘Nederland kent een grote offshore (wind)sector met een enorm groeipotentieel. Inzetten op offshore wind zorgt voor meer banen en een sterke concurrentiepositie. Daarnaast is windenergie op zee absoluut noodzakelijk om de doelstelling van 14% duurzame energie in 2020 te halen.’
Vergunningen voor offshore windparken hebben een beperkte looptijd. Ze vervallen indien niet binnen enkele jaren met de bouw wordt begonnen. De Tweede Kamer nam onlangs een motie aan om de looptijd van de vergunningen te verlengen, omdat van deze locaties zeker is dat windenergie er mogelijk is en door zowel bedrijfsleven als overheid fors in de vergunningen is geïnvesteerd. Laten verlopen betekent kapitaalvernietiging en tempoverlies. Nu de meeste vergunningen door de rechter akkoord zijn bevonden, staat niets verlengen van de looptijd meer in de weg.
Tegen drie andere windparken loopt de procedure nog. Uitspraken zijn hier over enkele weken te verwachten.