Steun voor Nationaal plan van aanpak windenergie

Het Nationaal Plan van Aanpak Windenergie kreeg woensdag 30 januari tijdens de derde rondetafelconferentie windenergie de steun van alle aanwezigen. Daaronder de ministers van VROM en EZ en vertegenwoordigers van LNV, Defensie, de provincies, de gemeenten, de milieubeweging en de windsector. Voorzitter Joop Lasseur vertegenwoordigde NWEA. Het Nationaal Plan betreft wind op land.

Tijdens de bijeenkomst kondigde minister Van der Hoeven van Economische Zaken aan dat de brief over de SDE een dag later naar de Tweede Kamer gestuurd zou worden.

Het nationaal plan – ook wel: Landelijke Uitwerking Windenergie – gaat uit van vier actielijnen die gelijktijdig worden opgepakt.

Er komt een projectenboek waarin alle lopende projecten komen te staan (de ‘pijplijn’). Bekeken wordt of de projecten in 2011 verwezenlijkt kunnen zijn om het doel van 2000 MW extra opgesteld vermogen te bereiken. Mogelijke belemmeringen komen in beeld. Het maken van het projectenbureau is uitgezet bij een bureau. NWEA is vertegenwoordigd in de begeleidingsgroep voor het project.

Belemmeringen, knelpunten en randvoorwaarden waar windenergieprojecten in het algemeen mee te maken hebben, zijn in beeld gebracht en er wordt gekeken naar generieke oplossingen. Binnen enkele maanden moet dat voor alle belemmeringen duidelijk zijn. De knelpunten die NWEA eerder inbracht via de ‘Oproep tot actie Landelijke Uitwerking Windenergie’ komen daarbij aan bod. NWEA heeft haar kennis aangeboden bij het zoeken naar oplossingen.

Voor uitbreiding van windenergie op land op de langere termijn wordt gekeken naar de landschappelijke inpassing. Een landschapsonderzoek is door de betrokken ministeries in gang gezet. Het gaat daarbij om projecten voor de periode na 2011 en dus na de 2000 MW extra.

Het vergroten van de positieve betrokkenheid bij windenergie bij zowel overheden, bedrijven als burgers. Vanuit NWEA wordt inmiddels actief aan de werkgroep deelgenomen die de plannen hiertoe ontwikkelt.