Rapport EWEA: forse bijdrage windenergie aan doelstellingen

De Europese brancheorganisatie EWEA heeft de verwachtte groei van windenergie voor de komende decennia in kaart gebracht. EWEA constateert dat wind op land en op zee een forse bijdrage kunnen leveren aan het halen van de Europese doelstellingen voor duurzame energie en het verminderen van de uitstoot van CO2. In 2050 kan windenergie voorzien in 50% van de Europese elektriciteitsvraag, aldus de European Wind Energy Association.

Naar aanleiding van een binnenkort te verschijnen rapport hebben EWEA en NWEA een persbericht laten uitgaan. Het persbericht van NWEA staat hieronder; daarin staat ook de link naar het persbericht van EWEA.

PERSBERICHT

Utrecht, 30 juni 2011
Windsector brengt mogelijke bijdrage windenergie in kaart
Forse bijdrage windenergie aan halen Europese doelstellingen

Windenergie kan een forse bijdrage leveren aan het Europese streven om de uitstoot van CO2 te verlagen met 80 tot 95 procent in 2050. Windenergie kan dan voorzien in 50 procent van de Europese elektriciteitsvraag. Dat heeft de European Wind Energy Association EWEA berekend in een rapport dat binnenkort verschijnt. NWEA, de Nederlandse Wind Energie Associatie, onderkent de mogelijkheden van windenergie. "Door in te zetten op windenergie kunnen op korte termijn veel kilowatturen duurzame elektriciteit worden opgewekt tegen lage maatschappelijke kosten. Zeker elektriciteit van wind op land is feitelijk vrijwel even duur als elektriciteit uit fossiel', meent Ton Hirdes, directeur NWEA.

Het rapport van EWEA geeft aan hoe groot het opgesteld vermogen van windenergie volgens het bedrijfsleven in 2020, 2030 en 2050 kan zijn. Het maakt voor de beleidsmakers in Brussel, maar ook in elk van de aangesloten landen, duidelijk welke forse bijdrage windenergie kan leveren aan het halen van de doelstellingen voor duurzame energie en voor CO2-reductie. In het najaar verschijnt de 'roadmap' van de Europese Commissie over de transitie naar een nieuwe energievoorziening in 2050. In Nederland verscheen onlangs het nieuwe Energierapport.

Uit het rapport van EWEA blijkt dat de meeste EU landen op z'n minst hun opgesteld vermogen windenergie in 2020 hebben verdrievoudigd ten opzichte van nu. Er staat dan 230 gigawatt (GW) vermogen opgesteld, genoeg om in bijna 16 procent (15,7%) van het Europees elektriciteitsverbruik te voorzien. 190 GW betreft windmolens op land, 40 GW staat op zee.
Eind 2010 stond in de EU landen 84 GW aan windenergie opgesteld; daarmee werd in ruim 5 procent (5,3%) van de vraag voorzien.

EWEA verwacht dat in 2030 ongeveer 400 GW in gebruik zal zijn (genoeg voor 28,5% van de electriciteitsvraag), waarvan 250 GW op land en 150 GW op zee.
In 2050 kan windenergie op land en op zee voorzien in 50% van de EU behoefte aan elektriciteit.

Geïnstalleerd vermogen, elektriciteitsproductie en aandeel in EU elektriciteitsvraag (bron EWEA)

"De European Wind Energy Association verwacht dat dit decennium fors geïnvesteerd wordt in windparken op land en op zee, tot wel 194 miljard euro, mede als gevolg van de Europese doelstellingen voor duurzame energie waaraan alle landen moeten voldoen", meent Christian Kjaer, directeur van de in Brussel gevestigde brancheorganisatie EWEA: “De jaarlijkse investeringen zullen verdubbelen van 13 miljard nu naar 27 miljard in 2020 en zullen daarmee een forse bijdrage leveren aan het halen van de Europese verplichting om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen."

“Over de periode ná 2020 is de Europese politiek echter nog erg onduidelijk", voegt Kjaer toe: "Een duidelijke uitspraak door de EU over verdergaande, bindende doelstellingen voor duurzame energie in 2030, biedt het bedrijfsleven de langjarige investeringszekerheid en stabiliteit die nodig zijn om te investeren en daarmee ook een bijdrage te kunnen leveren aan nieuwe werkgelegenheid."

Langjarige zekerheid is ook wat het Nederlandse bedrijfsleven nodig heeft, vult Hirdes van de Nederlandse brancheorganisatie aan: "Investeren in een windpark is een zaak van meerdere jaren; een stabiel overheidsbeleid is daarvoor noodzakelijk. Nederland wil nu fors inzetten op windenergie op land omdat het een van de goedkoopste vormen van duurzame energie is. Maar om de Europese doelstellingen te halen, is het noodzakelijk ook meer in te zetten op windparken op zee. Om offshore wind de komende jaren verder tot ontwikkeling te brengen moet de overheid zo snel mogelijk duidelijkheid geven over de ruimtelijke inpassing op de Noordzee en over investeringsmogelijkheden. Offshore wind biedt de bredere Nederlandse offshore sector bovendien goede groeikansen en betekent daarmee ook nieuwe werkgelegenheid. Nu al is Nederland Europees koploper in een aantal segmenten van de markt voor offshore wind. Die positie kan Nederland verder uitbouwen."