Openstelling SDE+: kansen voor wind op land

De regering wil een forse stap zetten in het verduurzamen van de energiehuishouding, schrijft minister Verhagen aan de Tweede Kamer in een brief over het openstellen van de SDE+. NWEA constateert dat de voorgestelde regeling kansen biedt voor windenergie op land.

Zoals eerder aangekondigd, wil de minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie de SDE+ openstellen vanaf 1 juli voor elektriciteit en groen gas. Dat gebeurt in lijn met de eerder aangegeven contouren voor de regeling. Er gaat een maximum basisbedrag gelden van 15 cent/kWh en de regeling wordt in vier fasen opengesteld met telkens een iets hoger maximum bedrag. De brief van de minister is onder aan deze pagina als pdf op te vragen. Inmiddels heeft er op 19 mei ook een debat met de Tweede Kamer over plaatsgevonden, kijk daarvoor naar het nieuwsbericht op deze website.

Half jaar
Ook in 2011 zullen er vier fasen zijn, ook al gaat het maar om een half jaar. Deze gaan open op 1 juli, 1 september, 1 november en 1 december. ECN en KEMA hebben voor alle technologiën de basisbedragen berekend; het is niet mogelijk een hogere bijdrage uit de SDE+-regeling te ontvangen. Initiatiefnemers kunnen wél een aanvraag indienen voor een lagere bijdrage in de vrije categorie die elke fase kent.
Voor wind op land is het basisbedrag vastgesteld op 9,6 cent/kWh; wind op land 'dingt' daarom mee vanaf fase 2 (afgezien van de vrije catagorie in fase 1). Voor 2011 is in totaal 1,5 miljard euro aan verplichtingenbudget beschikbaar. Voor 2012 is differentiatie voor wind op land binnen de regeling voorzien; 2011 is daarvoor niet haalbaar omdat meer regels aangepast moeten worden.

Wind op zee
Met de vrije categorie in fase 4 denkt de minister ook kansen te bieden voor projecten van technologiën waarvan het berekende basisbedrag hoger is dan het maximumbedrag van 15 cent/kWh, zoals wind op zee en wind in meer, omdat - schrijft het ministerie - 'er immers projecten zijn die rendabeler zijn dat de gemiddelde businesscase van de betreffende technologie'.

Mening NWEA
De SDE+ zoals de minister wil invoeren, biedt voor wind op land kansen, constateert NWEA. Wind op land behoort immers tot de goedkoopste vormen van duurzame energie; te verwachten is dat bij het openstellen van fase 2 de regeling nog voldoende financiële ruimte biedt voor de ingediende projecten.

NWEA heeft daarbij zelf een voorstel ontwikkeld hoe de SDE+ voor wind op land het beste uitgewerkt kan worden, inclusief een model voor differentiatie voor wind op land (dit voorstel is elders op deze website te vinden).

De kansen voor grootschalige uitrol van wind op zee en wind in meer acht NWEA met de door de minister voorgestelde regeling niet groot. Deze technieken kunnen pas vanaf fase 4 een aanvraag indienen. Naar verwachting is de financiële ruimte binnen de SDE+ in zijn huidige vorm dan niet groot genoeg meer voor grootschalige projecten.

Antwoorden minister aan Tweede Kamer (aanvulling 19 mei)
De Tweede Kamer heeft voor een algemeen overleg met de minister over de SDE+ een aantal schriftelijke vragen gesteld. De antwoorden daarop zijn hieronder als pdf op te vragen. De antwoorden waren aanleiding voor NWEA opnieuw een aantal punten bij de kamerleden onder de aandacht te brengen.